Gisteren plaatste Radar een video over de energietransitie en de rol van gemeenten daarin.
De reportage gaat over het feit dat gemeenten plannen maken om wijken uiteindelijk aardgasvrij te maken. Bewoners krijgen hierover een brief met daarin een planning en de mogelijke alternatieven voor aardgas, zoals een warmtenet of een warmtepomp.
Toevallig kwamen een aantal geïnterviewden uit Lelystad.
Wij hebben dezelfde brief van de gemeente ontvangen, dus het onderwerp is voor ons ook heel herkenbaar.
De weerstand die in de reportage wordt getoond, begrijp ik deels. Ook de berekeningen die in de uitzending worden gemaakt over de kosten om van het gas af te gaan, vind ik op sommige punten discutabel.
Maar waar ik echt van schrok, waren de reacties onder de video.
Niet omdat mensen kritisch zijn. Kritische vragen zijn juist goed en nodig. Maar een groot deel van de reacties bestond uit stellige uitspraken die eenvoudig aantoonbaar onjuist waren, of uit argumenten die vooral gebaseerd leken op wantrouwen of emotie in plaats van op de techniek of praktijkervaring.
Dat zette mij aan het denken. Niet zozeer over de energietransitie zelf, maar over hoe we daar met elkaar over praten.
Hieronder heb ik een aantal veelvoorkomende opmerkingen uit de reacties samengevoegd. Niet om mensen belachelijk te maken, maar om ze vanuit mijn eigen praktijkervaring en met de nodige nuance te beantwoorden.
Feitelijke misverstanden
Dit zijn uitspraken die regelmatig terugkwamen, maar die feitelijk te algemeen of onjuist zijn.
- “Spouwmuren moeten ademen.”
- “Een warmtepomp werkt alleen met vloerverwarming.”
- “Je hebt altijd een 3-fase aansluiting nodig.”
- “Een jaren ’70-woning kun je niet isoleren.”
- “Een warmtepomp werkt niet.”
Bij elk van deze punten zal ik uitleggen waarom de werkelijkheid genuanceerder ligt en hoe dit in onze eigen woning is toegepast.
“Spouwmuren moeten ademen.”
Woningen van vóór ongeveer 1975 hebben vaak wel een spouwmuur, maar die spouw was oorspronkelijk meestal niet geïsoleerd. Vanaf ongeveer 1975 werd spouwisolatie steeds vaker standaard toegepast en tegenwoordig worden nieuwbouwwoningen standaard opgeleverd met een geïsoleerde spouw.
Toch blijft het een hardnekkig misverstand dat een spouwmuur moet kunnen “ademen” om regenwater via de spouw af te voeren.
Daar is uitvoerig onderzoek naar gedaan. Onder andere in: https://klimapedia.nl/wp-content/uploads/2024/07/Building-Physics-2024.1.pdf
“With normal cavity walls it is not necessary to ventilate the cavity. It is not important to dry the outer wall face. Brickwork is the best at coping with moisture and a wet outer wall dries out mostly through evaporation at the outside surface – 95% – and only 5% through cavity ventilation.”
Met andere woorden: ongeveer 95% van het vocht wordt via de buitenmuur afgevoerd en slechts ongeveer 5% via de spouw.
Maar die 5% dan?
Ook die kan bij een goed nageïsoleerde spouw nog steeds worden afgevoerd. De materialen die voor na-isolatie worden gebruikt zijn dampopen. Aminotherm, EPS-thermoparels en verschillende soorten isolatievlokken laten waterdamp nog steeds door, waardoor vocht kan worden afgevoerd.
Verder geven gerenommeerde isolatiebedrijven vaak tot 10 jaar garantie op de uitgevoerde na-isolatie. Dat doen deze bedrijven natuurlijk niet zomaar.
Dat betekent niet dat iedere spouwmuur geschikt is voor na-isolatie. Daarom wordt een spouw vooraf geïnspecteerd op onder andere de staat van het metselwerk, de breedte van de spouw en eventuele vochtproblemen.
Maar het laat wel zien dat na-isolatie, mits de woning geschikt is en de werkzaamheden vakkundig worden uitgevoerd, in veel gevallen probleemloos kan worden toegepast.
Zo ook in ons geval.
In 2022 hebben wij, samen met drie buren, onze spouwmuur extra laten na-isoleren met Aminotherm-schuim. Inmiddels zijn we enkele jaren verder en heeft geen van ons vieren last gehad van vochtdoorslag of andere problemen die aan de na-isolatie zijn toe te schrijven.
Dat is natuurlijk geen wetenschappelijk bewijs dat het altijd goed gaat. Wel laat het zien dat een goed uitgevoerde na-isolatie bij een geschikte woning jarenlang probleemloos kan functioneren.
“Een warmtepomp werkt alleen met vloerverwarming.”
Hier zit een kern van waarheid in, maar de conclusie is te kort door de bocht.
Een warmtepomp werkt het meest efficiënt met een zo laag mogelijke aanvoertemperatuur. Dat betekent dat je voldoende afgiftevermogen in de woning nodig hebt. Vloerverwarming is daarvoor ideaal, omdat het een groot verwarmingsoppervlak heeft en daardoor met relatief lage temperaturen veel warmte kan afgeven.
Maar vloerverwarming is geen voorwaarde.
Met voldoende radiatoroppervlak kan een warmtepomp ook prima functioneren. Dat kan door bestaande radiatoren te vervangen door grotere exemplaren of door speciale lagetemperatuurradiatoren of ventilatorconvectoren toe te passen.
Uiteindelijk gaat het niet om het type afgiftesysteem, maar om de vraag of de woning bij een lage aanvoertemperatuur voldoende warmte kan afgeven om comfortabel te blijven.
“Je hebt altijd een 3-fase aansluiting nodig.”
Ook deze opmerking kwam meerdere keren voorbij.
Nee, je hebt niet altijd een 3-fase aansluiting nodig.
Dat hangt volledig af van het type warmtepomp en het benodigde vermogen. Er zijn voldoende warmtepompen die gewoon op een enkelfaseaansluiting kunnen draaien.
Onze eigen warmtepomp draait bijvoorbeeld al jaren op een 1x35A-aansluiting en verbruikt maximaal ongeveer 2400 watt, iets meer dan 10A.
Sterker nog, in ons huis draait op diezelfde aansluiting ook een warmtepompboiler, een inductiekookplaat, een laadpaal en een airco. Dat gaat al jaren probleemloos.
Dat betekent natuurlijk niet dat iedere woning met een enkelfaseaansluiting toe kan. Grotere woningen of warmtepompen met een hoger vermogen kunnen wel degelijk een 3-fase aansluiting nodig hebben.
Maar de algemene uitspraak dat een warmtepomp altijd een 3-fase aansluiting vereist, klopt simpelweg niet.
“Een jaren ’70-woning kun je niet isoleren.”
Ook deze opmerking kwam meerdere keren voorbij.
Ik kan mij situaties voorstellen waarin verduurzamen lastiger is. Denk aan een monumentale woning, beschermd stadsgezicht of een appartement waarbij een VvE niet mee wil werken.
Maar in het algemeen klopt deze uitspraak niet.
Een woning uit de jaren ’70 is juist vaak op allerlei manieren te verbeteren. De eenvoudigste stap is misschien wel het vervangen van enkel glas door HR++-glas. Daarnaast zijn er vaak mogelijkheden voor spouwmuurisolatie, dakisolatie, vloerisolatie, kierdichting en het verbeteren van de ventilatie.
Onze eigen tussenwoning uit 1978 is daar een goed voorbeeld van.
Sinds 2008 hebben we de woning stap voor stap verbeterd. Uiteindelijk zijn we van energielabel C naar A+++ gegaan en wonen we inmiddels al enkele jaren volledig gasloos.
Natuurlijk is iedere woning anders en bestaat er geen standaardoplossing.
Maar om te zeggen dat een jaren ’70-woning niet geïsoleerd kan worden, is simpelweg onjuist.
“Een warmtepomp werkt niet.”
Ook deze opmerking kwam meerdere keren voorbij.
Eigenlijk is deze heel eenvoudig te weerleggen.
Een koelkast is namelijk óók een warmtepomp. Beide werken volgens precies hetzelfde natuurkundige principe: met behulp van elektrische energie wordt warmte van een lage temperatuur naar een hogere temperatuur verplaatst.
Een koelkast onttrekt warmte aan de binnenkant en geeft die af aan de keuken. Een warmtepomp onttrekt warmte aan de buitenlucht of de bodem en geeft die af aan de woning.
Blijkbaar werkt dat principe dus prima.
Waar het in de praktijk soms misgaat, is niet de warmtepomp zelf, maar het ontwerp van de installatie.
Een warmtepomp heeft meestal een lager verwarmingsvermogen dan een cv-ketel. Daardoor zijn de dimensionering, het afgiftesysteem en de inregeling veel belangrijker. Een verkeerd ontworpen installatie kan daardoor tegenvallen, terwijl een goed ontworpen installatie juist jarenlang probleemloos en efficiënt kan functioneren.
Daarnaast zijn warmtepompen bij uitstek geschikt om een woning continu op temperatuur te houden. In tegenstelling tot een cv-ketel is een grote nachtverlaging vaak minder gunstig. Door de woning op een constante temperatuur te houden, kan de warmtepomp rustig en efficiënt blijven werken.
Onze eigen warmtepomp draait inmiddels al jaren probleemloos en houdt onze woning in de winter comfortabel op temperatuur.
Economische bezwaren
Dit zijn argumenten die vooral over de kosten gaan.
- “Ik verdien het nooit terug.”
- “Je verliest vierkante meters.”
- “Over 15 jaar moet alles weer vervangen worden.”
Dit zijn interessante punten, omdat verduurzaming voor veel mensen uitsluitend als een financiële investering wordt gezien, terwijl wooncomfort vaak nauwelijks wordt meegewogen.
“Ik verdien het nooit terug.”
Het klopt dat een warmtepomp op dit moment vaak duurder is in aanschaf dan een cv-ketel. Dat heeft onder andere te maken met de techniek, de installatie en het feit dat de markt nog volop in ontwikkeling is.
Maar vervolgens stel ik mezelf altijd een andere vraag.
Waarom moet alles wat met verduurzaming te maken heeft eigenlijk een harde terugverdientijd hebben?
- Wat is de terugverdientijd van een auto?
- Wat is de terugverdientijd van een keuken?
- Wat is de terugverdientijd van een nieuwe bank?
- Of van een nieuwe badkamer?
Of neem spouwmuurisolatie.
Stel dat de energiebesparing slechts 150,- euro per jaar bedraagt.
Maar tegelijkertijd kan de thermostaat een halve graad lager, is de koudeval langs de buitenmuren verdwenen, voelt de woning veel behaaglijker aan en is de temperatuur overal gelijkmatiger.
Hoe druk je dat uit in een terugverdientijd?
Wooncomfort laat zich nu eenmaal niet volledig in euro’s uitdrukken.
“Je verliest vierkante meters.”
Ja, door de binnenisolatie ben ik een paar vierkante meter woonoppervlak “kwijtgeraakt”. In onze woonkamer gaat het om ongeveer 2 vierkante meter.
Daar staat wel iets tegenover.
Ik heb nu een nette afwerking rondom het achterraam en de schuifpui, alle elektra is netjes weggewerkt en de stopcontacten zitten precies waar ik ze wil hebben. Daarnaast zijn de buitenmuren warmer, is de koudeval verdwenen en voelt de woonkamer veel comfortabeler aan.
Mis ik die 2 vierkante meter?
Nee, totaal niet.
Ook op zolder zijn we een paar vierkante meter kwijtgeraakt door de warmtepompboiler en de ombouw eromheen.
Missen we die ruimte?
Nee, ook daar niet.
Sterker nog, als ik opnieuw voor dezelfde keuze zou staan, zou ik hem zonder twijfel weer maken. De winst in wooncomfort weegt voor ons ruimschoots op tegen het kleine verlies aan vloeroppervlak.
Ik zou alleen de zolder nu anders indelen en een grote technische ruimte maken.
“Over 15 jaar moet alles weer vervangen worden.”
Klopt, maar niet alles hoeft te worden vervangen.
HR++ glas? Isolatie? Die blijven gewoon werken. Aangepast leidingwerk? hoeft ook niet vervangen te worden.
En ja, een warmtepomp moet op termijn ook een keer vervangen worden. Maar de kans is groot dat maar een deel van de installatie vervangen moet worden en niet de gehele installatie.
Wantrouwen richting overheden
Deze categorie kwam misschien nog wel het vaakst voorbij.
- “Ze willen ons alleen maar geld afpakken.”
- “Ik doe het niet omdat de overheid het wil.”
- “De overheid is je vijand”
Persoonlijk kijk ik daar anders naar. Mijn keuzes zijn nooit gebaseerd geweest op de overheid, maar op de vraag: hoe kan ik mijn woning comfortabeler maken en mijn energierekening verlagen?
Stel jezelf de eenvoudige vragen.
- Wat geef je nu per maand uit aan energie
- Doe dat bedrag maal 12, dus wat geef je in een jaar uit.
- Doe dat bedrag maal 10, dus wat geef je uit in 10 jaar tijd.
In ons geval was dat 200x12x10 = 24.000 euro in 10 jaar.
En stel je dan zelf de vraag:
Vind ik het normaal om €24.000 aan energie uit te geven, of investeer ik liever een deel daarvan in mijn eigen woning?
Voor mij was dat in 2008 het kantelpunt.
Juist door niets aan je woning te doen, blijf je afhankelijk van energieprijzen, belastingen, accijnzen en andere externe factoren waar je zelf nauwelijks invloed op hebt.
Door je woning stap voor stap beter te isoleren en energiezuiniger te maken, verlaag je niet alleen je energierekening, maar vergroot je ook je wooncomfort én je onafhankelijkheid.
En misschien is dat wel de belangrijkste conclusie van allemaal: ik heb nooit verduurzaamd vóór de overheid, maar vóór mezelf.
Emotionele weerstand
Sommige reacties gingen eigenlijk niet meer over techniek of geld.
- “Ik wil gewoon op gas blijven koken.”
- “Ik heb er geen zin in.”
- “Mij overtuig je toch niet.”
Dat zijn legitieme gevoelens, maar het zijn geen technische argumenten. Daar valt inhoudelijk weinig tegenin te brengen.
Iedereen is, tot op zekere hoogte, vrij in zijn/haar eigen keuzes. Ik zeg hier bewust tot op zekere hoogte want als het gas wordt afgesloten, er warmteleidingen in de straat worden gelegd dan zal je op een gegeven moment toch echt een keuze moeten maken.
Mijn argument zou dan zijn, doe dat dan op basis van feiten en niet op basis van een onderbuikgevoel.
Terechte zorgen
Niet alle kritiek was onterecht. Er waren ook reacties waar ik me goed iets bij kan voorstellen.
- Mensen met weinig financiële ruimte.
- Onzekerheid over regelgeving.
- Praktische problemen over netcongestie
Dit zijn terechte punten en terechte vragen.
Hoe gaan wij mensen helpen die weinig financiele ruimte hebben? Ik heb zelf ook nog geen idee. Subsidies lijken mij niet het meest ideale idee. Misschien een lokaal fonds waar burgers voor burgers elkaar kunnen helpen?
Regelgeving blijft ook een probleem, zeker voor mensen die wonen in een wijk met beschermd stadsgezicht of voor mensen die wonen in een monumentaal pand.
En niet genoemd in de lijst. Wat als een VVE niet mee wil werken? Ook geen idee.
En dan is er praktisch gezien nog netcongestie wat echt een terecht punt is. Er is te weinig netcapaciteit, dat is een bewezen feit.
Terechte zorgen verdienen een serieus gesprek en goede oplossingen.
Misverstanden verdienen een goede uitleg.
Die twee worden in discussies helaas nog te vaak door elkaar gehaald.
Een element wat een rol speelt is “overspecificatie”:
In plaats van doen wat nodig is om van het gas af te komen wordt er door veel professionele partijen vanalles bijgestopt (buffervaten, vloerverwarming, convectoren, al het glas vervangen etc etc.).
Bij huizen met tot 1000-1200m3 gasverbruik hoeft er vaak alleen een warmtepomp geplaatst te worden. Soms wordt het wat efficienter als er 1 radiator wordt verbeterd of nog een isolatiemaatregel wordt gedaan.
Maar : niet perse nodig.
Vroeger, toen we van de kolenkit achterin de schuur naar gas gingen, eind jaren zestig, zag je advertenties in de krant “Echte mensen stoken kolen”. We houden gewoon niet van verandering, nou ja sommigen dan. Hier in 2010 stap voor stap begonnen met verduurzamen, zelfs een WTW unit en inblaaskanalen aangelegd en sinds een paar jaar ook gasloos. Energie rekening, 40 euro in de maand, met EV, en comfortabel in huis
Je hoeft niet in een Big Bang ineens duurzaam te worden. Voorbeeld: het was mijn droom om de pas aangekochte woning (bouwjaar 1938, gashaarden) aardgasvrij te maken en nul-op-de-meter te krijgen. Iedereen riep “kan niet met een jaren-30 woning”. We zijn dus in 1980, dus dat is ruim 45 jaar geleden, allereerst begonnen met spouwmuurisolatie en kierendichting. Op dat moment werd er 3.500 kuub gas in dat jaar verstookt. Warmte ging meteen het heelal in. Volgens het voorbeeld van Martin: 150 euro per jaar, kom ik dus op euro 6.750 besparing. Niet slecht. Zo hebben we, jaar na jaar, steeds iets geinvesteerd in verduurzaming. Nu zijn we zover dat er een warmtepomp is, zonnepanelen, HR++ glas, de hele reutemeteut, en de gasaansluiting is dit jaar weggehaald. Droom is uitgekomen. Wooncomfort is superieur. Energiekosten nu 15 euro per maand.
Wat betreft warmtetransitie zie ik bij ons in Leiden soortgelijke taferelen als geschetst in het youtube filmpje van Radar: een gemeente die ijverig bezig is om (met enorme bakken rijks- en provinciesubsidie) de aanvoer van (rest)warmte uit Rijnmond veilig te stellen om die warmte daarna aan de eigen burgers te kunnen slijten. Dat laatste probeert men zo transparant mogelijk te presenteren: veel publikaties, bijeenkomsten, burgerberaden en dat soort zaken, maar geen kostenplaatje voor de eindgebruiker. Dat laatste maakt dat mensen zich onzeker voelen en dat kapitaalkrachtigen zich veilig stellen met een warmtepomp onder het motto: “baat het niet dan schaadt het niet”. Ik geef ze geen ongelijk gezien de lage betrouwbaarheidsgraad van overheden.